Uitspoeling nitraat uit drijfmest minder dan gedacht

De kans op uitspoeling van nitraat bij gebruik van melkveedrijfmest is kleiner dan werd aangenomen. Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen UR.

Wat is beter: kunstmest of drijfmest? Die vraag is even belangrijk als ingewikkeld. Alleen al omdat er zoveel verschillende kanten aanzitten. Een erg belangrijk aspect is de kans op uitspoeling van nitraat uit de bemeste bodem. Recent onderzoek naar nitraatuitspoeling op grasland werpt nieuw licht op deze kwestie waarbij drijfmest relatief goed uit de bus komt: op grasland dat gemaaid wordt, is de nitraatuitspoeling lager als het bemest wordt met melkveedrijfmest in plaats van met kunstmest. Stikstofgiften van 400 kilo stikstof (N) per hectare uit drijfmest zouden mogelijk zijn zonder extra risico op nitraatuitspoeling – mits goede landbouwpraktijk wordt toegepast.

Weidegang

Ook is gekeken naar uitspoeling bij weidegang. Daarbij geldt dat het management van de begrazing (denk aan de intensiteit en de periode) meer bepalend is dan de verdeling van de N-bemesting over drijf- en kunstmest.

Het (literatuur)onderzoek over nitraatuitspoeling is gedaan door Wageningen Livestock Research (WLR) in opdracht van stichting Mesdag-Zuivelfonds NLTO, een stichting die onderzoek faciliteert dat ten goede komt aan de melkveehouderij.

Imago drijfmest bijstellen

Drijfmest heeft momenteel de reputatie dat het milieutechnisch ‘onvriendelijk’ is in vergelijking met stikstofbemesting door middel van kunstmest, vooral met kalkammonsalpeter (KAS). In discussies over de effectiviteit van het huidige mestbeleid wordt voorgesteld om de hoeveelheid N beschikbaar voor de plant uit drijfmest verder te beperken en het verschil dan maar te vervangen door KAS. Dit als strategie om onder de vereiste maximale nitraatconcentraties te blijven in grond- en oppervlaktewater.

Onderzoeksvragen en antwoorden

Is de nitraatuitspoeling van melkveedrijfmest groter dan van kunstmest (KAS) bij de dezelfde stikstofopname door het gewas?

In het algemeen is dat niet zo, zeker niet op grasland dat gemaaid wordt. Het risico kan in mais kleiner worden door de kunstmestgift aan te passen en door onderzaai van een vanggewas. Bij weidegang is het risico op uitspoeling later in het seizoen groter, vooral op droogtegevoelige zandgrond. Dat komt door de pleksgewijze pieken in stikstofbelasting die het gewas niet meer kan opnemen.

Is de nitraatuitspoeling lager door de verlaging van de derogatie van 250 naar 230 kilo N op uitspoelingsgevoelige zandgronden, waarbij het verschil met kunstmest aangevuld wordt?

Deze optie reduceert de uitspoeling alleen als er minder mest door weidegang op het gras komt, bijvoorbeeld door een korter weideseizoen. Als alleen drijfmest wordt aangewend, levert vervanging van N uit drijfmest door N uit kunstmest juist meer nitraatuitspoeling op.

Resulteert een verlaging van de derogatie voor N uit drijfmest van 250 naar 170 kilo in eenlagere nitraatuitspoeling als het verschil aangevuld wordt met KAS?

Dat zou juist leiden tot een hogere nitraatuitspoeling uit de Nederlandse melkveehouderij, in het bijzonder gezien de bijdrage van gemaaid grasland.

Verschillen uitspoeling onderzocht

Volgens dit onderzoek, waarbij gekeken is naar drijfmest van melkvee (DM), is dat uitgangspunt niet juist. Doel van het onderzoek was om de verschillen vast te stellen in nitraatuitspoeling van DM (toegediend via zodebemesting) en KAS op permanent grasland en op maisland. Uitgangspunt daarbij is dat de N-opname van het gewas gelijk is.

Conclusie: vervanging van drijfmest door KAS zal de uitspoeling eerder hoger dan lager maken.

Verschil lange en korte termijn

Het onderzoek toont grote verschillen tussen de kans op uitspoeling van nitraat uit DM en uit KAS op korte en lange termijn. Volgens onderzoeker Herman de Boer ligt de oorzaak in de samenstelling van beide mestsoorten. In KAS is de helft van de N aanwezig als ammonium (NH4) en de andere helft als nitraat (NO3). Ook in drijfmest is N voor de helft aanwezig als ammonium. De crux zit in de andere helft van de N. In drijfmest is die organisch gebonden, gevangen in complexere stoffen.

Regen

Nitraat spoelt in het groeiseizoen makkelijk uit, zeker als het veel regent. In KAS is de helft van de N al aanwezig als nitraat, die spoelt makkelijk uit. In drijfmest moet de organische N echter eerst worden omgezet in ammonium en daarna in nitraat, voordat het kan uitspoelen. Beide omzettingen kosten tijd. Gedurende die tijd neemt het gewas N op, wat een stijging van de nitraatconcentratie tegengaat.

Daarom is het risico van uitspoeling lager bij toepassing van drijfmest dan bij KAS. In ieder geval bij gewassen met een langdurige opname van N gedurende het groeiseizoen, zoals grasland.

Mineralisatie

Volgens De Boer is op basis van de huidige wetenschappelijke inzichten niet te zeggen in hoeverre het voordeel van drijfmest later in het groeiseizoen teniet wordt gedaan, als organische stof ‘mineraliseert’ en organisch gebonden N weer vrijkomt in de vorm van nitraat. De buffervoorraad organisch gebonden N in de grond is bij gebruik van drijfmest groter dan bij kunstmest. Dat geldt zeker als jaar op jaar drijfmest wordt gebruikt.

Mais versus gras

In mais is de kans dat gebonden N alsnog verloren gaat groter dan bij gras. Mais kent maar een korte periode waarin het stikstof opneemt. De mineralisatie van N in de bodem gebeurt vaak pas na die periode. De N komt dan in opneembare (en ook uitspoelbare) vorm beschikbaar als de behoefte van het gewas al is afgenomen. Op grasland is dat effect duidelijk minder, volgens dit onderzoek. Bovendien blijkt dat er in praktijkproeven tot nu toe weinig aandacht is geweest voor de nitraatuitspoeling gedurende het seizoen, terwijl die soms aanzienlijk kan zijn. Een van de conclusies is dat de uitspoeling uit KAS onderschat lijkt ten opzichte van drijfmest.

Droogtegevoelige gronden

Duidelijk is in ieder geval dat het algemene uitspoelingsrisico groter is naarmate er meer niet-organische N wordt toegepast en wanneer er meer beschikbaar is dan de plant kan opnemen. Die opname is lager bij droogte. Specifiek voor droogtegevoelige zandgronden geldt dat juist bij droogte er in de bodem ook minder mineralisatie plaatsvindt van N uit drijfmest. Er is dus weliswaar minder opname, maar er komt dan ook minder N vrij. Daardoor kan drijfmest een aanvullend voordeel hebben ten opzichte van KAS, speciaal op die droogtegevoelige gronden.

Op klei/veen is 250 kilo N uit dierlijke mest de grens. Op lös/zand in Overijssel, Gelderland, Utrecht, Brabant en Limburg 230 kilo.

Minder drijfmest niet de goede weg

Het Mesdagfonds wil met de resultaten in de hand invloed uitoefenen op de voorwaarden in de nieuwe derogatie, waarvoor de onderhandelingen lopen. Volgens secretaris Lubbert van Dellen blijkt uit de resultaten dat nog minder drijfmest per hectare ‘niet de goede weg is’. Dat geldt des te meer voor de lagere norm van 230 kilo N per hectare op zuidoostelijke zandgrond ten opzichte van de 250 kilo elders in Nederland. Alleen dat verschil kost de melkveehouder circa € 100 per hectare aan extra mestafvoer en aankoop van kunstmest om dat te compenseren.

Mest afvoeren

Van Dellen noemt het raar dat de maximale totale gebruiksnorm voor N op veel bedrijven niet benut wordt, terwijl bedrijven wel mest af moeten voeren. Hij wijst er ook op dat met de verlaging van 250 naar 230 kilo N meer mest moet worden afgevoerd. “Daarmee wordt de indruk gewekt dat de bewuste melkveehouder een grotere bijdrage levert aan het mestprobleem. Maar nu weten we dat niet de melkveehouder een bijdrage levert, maar de aannames in de regels. Onterecht is aangenomen dat de uitspoeling van N uit drijfmest het probleem geeft en bij uitspoeling uit kunstmest het probleem er niet is.”

Voordeel

Aanpassing van het beleid, zodat bedrijven meer drijfmest van het eigen melkvee mogen aanwenden, levert volgens hem dubbel voordeel op. “Minder kosten voor mestafvoer en minder kosten voor de aankoop van kunstmest. En volgens dit onderzoek blijkt dat het milieutechnisch beter uitpakt. Niet alleen voor nitraatuitspoeling, maar ook voor de vastlegging van CO2 in de bodem.” Met die boodschap wil het Mesdagfonds naar Brussel voordat afspraken zijn gemaakt over een nieuwe derogatie.

‘Meer uitspoeling bij weidegang in naseizoen’

Herman de Boer heeft de resultaten van wetenschappelijke publicaties en proeven op een rij gezet. Daaruit volgen opmerkelijke conclusies.Wat is voor u de belangrijkste conclusie?

“Dat de uitspoeling van nitraat uit drijfmest eerder lager dan hoger is dan uit kunstmest bij gelijke opname door het gewas. Vaak wordt anders beweerd, maar de informatie in dit rapport wijst duidelijk in deze richting. Voor meer en definitief inzicht over langetermijneffecten zijn proeven nodig van vijftien tot twintig jaar.”

Dus drijfmest in plaats van kunstmest is beter voor het milieu?

“Nee, dat hoeft niet zo te zijn. In het onderzoek is alleen gekeken naar effecten voor nitraatuitspoeling. Om een definitieve beoordeling te kunnen geven, zullen alle positieve en negatieve effecten (trade-offs) van beide mestsoorten afgewogen moeten worden.”

Trade-offs, zoals?

“Meer drijfmest zorgt voor een betere bodemvruchtbaarheid en kan bijdragen aan vastlegging van kooldioxide. Negatieve effecten kunnen zijn dat er meer ammoniak vrijkomt, waardoor de stikstofverliezen weer groter worden. Ook kan de uitspoeling van fosfaat groter worden als meer drijfmest wordt toegepast. Dat soort aspecten zijn wel kort benoemd, maar vallen buiten de reikwijdte van dit onderzoek. Om dat te kunnen beoordelen, zijn meer studies nodig.”

Weidegang verhoogt de uitspoeling van nitraat, hoe zit dat?

“Dat speelt met name in het naseizoen, vooral op droogtegevoelige zandgrond, en is een gevolg van de verdeling van de mest. Die is bij uitrijden veel gelijker verdeeld. Een urineplek in het grasland komt omgerekend neer op circa 600 kilo stikstof per hectare. Als dat na augustus op het gras terechtkomt, kan dat nooit meer benut worden. Het restant kan dan voor een groot deel als nitraat tijdens de winter uitspoelen.”

Bron: http://www.boerderij.nl/Home/Nieuws/2017/11/Uitspoeling-nitraat-uit-drijfmest-minder-dan-gedacht-207387E/?cmpid=NLC%7Cboerderij_vandaag%7C2017-11-06%7CUitspoeling_nitraat_uit_mest_minder_dan_gedacht#tl-3208e40e